AIFMD II: is de richtlijn ingevoerd in Nederland?
Richtlijn (EU) 2024/927 · AIFMD II
Nederland meldde de eerste nieuwe regels op 25 juni 2026. Dat was 2 maanden na de uiterste datum van 16 april 2026.
De Commissie heeft een procedure tegen Nederland lopen, omdat de richtlijn volgens haar nog niet (helemaal) is ingevoerd. Zie de procedure.
Wat regelt de richtlijn?
AIFMD II is een richtlijn: een Europese wet die elk land zelf in eigen wetten moet omzetten. De wet regelt het beheer van alternatieve beleggingsfondsen. Deze fondsen beleggen geld voor hun beleggers. De wet regelt ook hoe deze fondsen leningen geven.
De regels gaan onder meer over risico’s en taken die anderen uitvoeren. Ook gaan ze over het toezicht op de fondsen. Ze moeten voorkomen dat botsende belangen het fonds of beleggers schaden.
Beheerders moeten uitleggen hoe zij werken als ze een vergunning aanvragen. Ze geven informatie over hun personeel en de technische middelen die ze gebruiken. Ook melden ze welke taken anderen uitvoeren en hoe ze die controleren.
Minstens 2 betrouwbare, ervaren personen moeten de dagelijkse leiding hebben. Zij moeten voltijds voor de beheerder werken en in de EU wonen.
Voor fondsen die leningen geven, gelden ook aparte regels. Beheerders moeten beoordelen of leners hun schuld kunnen aflossen. Ze moeten ook de risico’s blijven volgen.
Er gelden grenzen voor bepaalde leningen. Ook zijn er grenzen aan beleggen met geleend geld. Fondsen mogen geen leningen geven aan hun eigen beheerder of diens personeel.
Voor wie geldt het?
De regels gelden vooral voor beheerders van alternatieve beleggingsfondsen. Laten zij anderen taken uitvoeren, dan moeten ze hun toezichthouder daarover informatie geven. Dat is de instantie die controleert of zij zich aan de regels houden.
Ook beleggers krijgen met de regels te maken. Fondsen die leningen geven, moeten de kosten van het beheer daarvan openbaar maken. De opbrengsten van die leningen gaan naar het fonds. Daar mogen alleen toegestane kosten voor het beheer van af.
De Nederlandse wetten en regels
Dit heeft Nederland aan de Europese Commissie gemeld als invoering van deze richtlijn, van oud naar nieuw.
| Gemeld | Wet of regeling | In werking |
|---|---|---|
| 25 juni 2026 | Wet Wet van 19 maart 2026, houdende wijziging van de Wet op het financieel toezicht ter implementatie van Richtlijn (EU) 2024/927 tot wijziging van de Richtlijnen 2011/61/EU en 2009/65/EG wat betreft delegatieregelingen, … | 29 mei 2026 |
| 25 juni 2026 | Besluit Besluit van 4 mei 2026 tot wijziging van het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft, het Besluit markttoegang financiële ondernemingen Wft en het Besluit bestuurlijke … | 29 mei 2026 |
| 25 juni 2026 | Ministeriele regeling Regeling van de Minister van Financiën van 25 mei 2026, 2026-225043, directie Financiële Markten, tot wijziging van de Regeling taakuitoefeningtoezichthouders Wft in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) … | 3 juni 2026 |
Een melding betekent nog niet dat de richtlijn helemaal is ingevoerd. Dat beoordeelt de Commissie; dat zie je aan de procedure hieronder.
De procedure van de Commissie
Als een land een richtlijn niet op tijd invoert, kan de Commissie een inbreukprocedure beginnen: een procedure tegen een land dat een EU-regel niet (goed) uitvoert.
Zaak INFR(2026)0258 · richtlijn niet (op tijd) omgezet · loopt nog
- 27 mei 2026 ingebrekestelling: eerste officiële waarschuwingsbrief van de Commissie
Bron: inbreukbesluiten van de Europese Commissie (zoeken in de besluiten), besluiten tot en met 1 oktober 2026; opgehaald op 24 oktober 2026. De koppeling van zaak aan richtlijn maken wij zelf op grond van de titel van de zaak.
Hoe ver zijn de andere EU-landen?
15 van de 27 EU-landen hebben nieuwe regels voor deze richtlijn gemeld bij de Commissie; 12 nog niet.
| Land | Eerste melding | Meldingen |
|---|---|---|
| Denemarken | 19 oktober 2022 | 8 |
| Tsjechië | 13 april 2024 | 3 |
| Roemenië | 13 januari 2026 | 2 |
| Luxemburg | 19 maart 2026 | 1 |
| Kroatië | 24 maart 2026 | 3 |
| Litouwen | 21 april 2026 | 2 |
| Ierland | 4 mei 2026 | 2 |
| Duitsland | 7 mei 2026 | 1 |
| Slowakije | 26 mei 2026 | 1 |
| Nederland | 25 juni 2026 | 3 |
| Zweden | 25 juni 2026 | 9 |
| Malta | 6 juli 2026 | 22 |
| Oostenrijk | 28 juli 2026 | 1 |
| Bulgarije | 25 augustus 2026 | 2 |
| België | 12 oktober 2026 | 1 |
| Cyprus | nog niets | 0 |
| Estland | nog niets | 0 |
| Finland | nog niets | 0 |
| Frankrijk | nog niets | 0 |
| Griekenland | nog niets | 0 |
| Hongarije | nog niets | 0 |
| Italië | nog niets | 0 |
| Letland | nog niets | 0 |
| Polen | nog niets | 0 |
| Portugal | nog niets | 0 |
| Slovenië | nog niets | 0 |
| Spanje | nog niets | 0 |
Over de uiterste datum
EUR-Lex noemt voor deze richtlijn meer dan één uiterste datum: 16 april 2026, 16 april 2027. Dat komt voor als onderdelen op verschillende momenten ingaan, of als de termijn later is verlengd. Wij rekenen met 16 april 2026: de laatste datum vóór de eerste waarschuwingsbrief van de Commissie.