EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Zaak C-921/19 · Staatssecretaris van Justitie
Ook documenten waarvan niet vaststaat of ze echt zijn, tellen mee bij asiel
Bij een nieuwe asielaanvraag mag de overheid documenten niet zomaar afwijzen omdat niet vaststaat of ze echt zijn.
- Vraag van
- Rechtbank Den Haag
- Vraag binnen bij het Hof
- 16 december 2019
- Arrest
- 10 juni 2021 (na 17,8 maanden)
- Onderwerp
- Asielbeleid, Grenscontroles
- ECLI
- ECLI:EU:C:2021:478
Waar gaat de zaak over?
Een Afghaanse asielzoeker voert een rechtszaak over zijn nieuwe aanvraag voor asiel. Hij doet dat tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Dat is de bestuurder die de minister helpt bij een deel van het werk.
De staatssecretaris keek niet naar de inhoud van de aanvraag. De reden: het was niet vast te stellen of de documenten echt waren.
De zaak gaat over richtlijn 2013/32/EU. Een richtlijn is een Europese wet die elk land zelf in eigen wetten moet omzetten. Deze wet regelt hoe landen bescherming via asiel geven en weer intrekken.
Ook richtlijn 2011/95/EU speelt een rol. Die bepaalt wie recht heeft op deze bescherming. Ook staat erin wat die bescherming inhoudt.
De vraag van de rechter
De asielzoeker deed opnieuw een aanvraag, nadat zijn eerdere aanvraag was afgewezen. Hij gaf documenten om aan te tonen dat de Taliban hem bedreigde. Daar zaten verklaringen van de brandweer en zijn werkgever bij.
Rechtbank Den Haag vraagt of zulke documenten meteen mogen afvallen als nieuw bewijs. Mag dat alleen omdat niet vaststaat of ze echt zijn? Of omdat niet te controleren is waar ze vandaan komen?
Mag de overheid bewijs bij een nieuwe aanvraag anders beoordelen dan bij de eerste? En moet zij de asielzoeker helpen om het bewijs te beoordelen?
Het antwoord van het Hof
Volgens het Hof mogen documenten niet zomaar afvallen als nieuwe informatie. Ook niet als niet vast te stellen is of ze echt zijn. Dat geldt ook als niet met feiten te controleren is waar ze vandaan komen.
De overheid moet bewijs bij een eerste en een volgende asielaanvraag hetzelfde beoordelen. Ook moet zij met de asielzoeker samenwerken om informatie die ertoe doet te beoordelen. Dat moet ook als niet vast te stellen is of zijn documenten echt zijn.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Rechtbank Den Haag, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, Uitspraak van 16/12/2019 (1137640).
Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:
- Rechtbank Den Haag, Uitspraak van 07/07/2021 (ECLI:NL:RBDHA:2021:6993) (ECLI:NL:RBDHA:2021:6993 op rechtspraak.nl)
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.