EuropaPortaal

EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken

Arrest Zaak C-70/18 · Staatssecretaris van Justitie

Mag Nederland vingerafdrukken eisen voor voorlopig verblijf?

Mag Nederland vingerafdrukken eisen voor voorlopig verblijf? Het Hof vindt deze beperking gerechtvaardigd om identiteitsfraude te bestrijden.

Vraag van
Raad van State
Vraag binnen bij het Hof
2 februari 2018
Arrest
3 oktober 2019 (na 20,0 maanden)
Onderwerp
Associatieovereenkomsten, Vrij verkeer van werknemers
ECLI
ECLI:EU:C:2019:823

Waar gaat de zaak over?

Twee Turkse mannen en de echtgenote van een van hen procederen tegen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De mannen kregen toestemming voor voorlopig verblijf, voor werk en voor gezinshereniging. Daarvoor moesten zij een gezichtsopname en tien vingerafdrukken afstaan, waartegen zij bezwaar maakten. De zaak gaat over besluit nr. 1/80 over de samenwerking tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije: dit beschermt de toegang van Turkse werknemers tot werk tegen nieuwe beperkingen.

De vraag van de rechter

De staatssecretaris ging bij de Raad van State in hoger beroep. De Raad van State vroeg het Hof om uitleg van de Europese regels. De rechter wilde vooral weten:

  • Mag Nederland deze persoonsgegevens verzamelen en bewaren in een centraal bestand om identiteits- en documentfraude tegen te gaan?
  • Maakt het daarbij uit dat de bewaartijd samenhangt met de verblijfsduur?
  • Hoe moeten de regels worden uitgelegd als de gegevens ook beschikbaar kunnen komen voor het onderzoeken en vervolgen van misdrijven?

Het antwoord van het Hof

Het Hof oordeelt dat de Nederlandse regeling een nieuwe beperking vormt volgens besluit nr. 1/80. De mannen moeten immers hun gezichtsopname en vingerafdrukken laten afnemen, vastleggen en bewaren. Anders krijgen zij geen toestemming voor voorlopig verblijf.

Toch is deze beperking gerechtvaardigd, zegt het Hof. Het doel is namelijk om identiteits- en documentfraude te voorkomen en te bestrijden. De Europese regel staat daarom niet in de weg aan een regeling zoals die in deze zaak.

De zaak in Nederland

De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Raad van State, Uitspraak van 31/01/2018 (201601536/1/V3 ; 201601554/1/V3).

Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:

Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.

Bronnen Zaak C-70/18 op CURIA · arrest op EUR-Lex · het verzoek in het Publicatieblad. Gegevens: Cellar (Publicatiebureau van de EU), peildatum 30 oktober 2026. De uitleg hierboven is een eigen samenvatting van EuropaPortaal op basis van de officiële Nederlandse tekst van het arrest, geschreven met hulp van een taalmodel en nagelezen op de bron. Alleen de officiële tekst is bindend.