EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Zaak C-69/21 · Staatssecretaris van Justitie
Mag een ernstig zieke man terug als zijn pijnbehandeling verboden is?
Terugkeer mag niet bij een reëel risico op snel, sterk en blijvend toenemende pijn doordat de enige werkzame pijnbehandeling verboden is.
- Vraag van
- Rechtbank Den Haag
- Vraag binnen bij het Hof
- 4 februari 2021
- Arrest
- 22 november 2022 (na 21,6 maanden)
- Onderwerp
- Asielbeleid, Handvest van de grondrechten, Justitie en binnenlandse zaken
- ECLI
- ECLI:EU:C:2022:913
Waar gaat de zaak over?
Een Russische man met bloedkanker procedeert tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Hij moet Nederland verlaten, maar krijgt hier medicinale cannabis tegen de pijn. Deze behandeling is in Rusland verboden.
De zaak gaat over richtlijn 2008/115/EG, een Europese wet die elk land zelf in eigen wetten moet omzetten. Deze richtlijn geeft regels voor de terugkeer van mensen zonder geldig verblijf. De zaak gaat ook over het Handvest van de grondrechten van de EU.
De vraag van de rechter
Rechtbank Den Haag vraagt het Europese Hof wanneer toenemende pijn terugkeer kan tegenhouden. Mag Nederland eisen dat de pijn binnen een vaste termijn toeneemt?
Mag de overheid gezondheidsgevolgen van uitzetting alleen beoordelen om te bepalen of iemand kan reizen? Ook vraagt de rechtbank welke rol gezondheid en behandeling spelen bij de bescherming van het privéleven.
Het antwoord van het Hof
De overheid mag onder bepaalde voorwaarden geen terugkeerbesluit nemen of iemand uitzetten. Er moeten ernstige, goed onderbouwde redenen zijn om een reëel risico aan te nemen. Het moet gaan om het risico dat de pijn snel, sterk en onomkeerbaar toeneemt. Onomkeerbaar betekent dat die toename niet meer ongedaan kan worden gemaakt.
De oorzaak moet zijn dat de enige werkzame pijnbehandeling verboden is in het land van terugkeer. Nederland mag geen vaste, strikte termijn stellen waarbinnen de pijn moet toenemen.
De overheid moet ook de gezondheidsgevolgen van de uitzetting zelf bekijken. Zij mag niet alleen beoordelen of iemand kan reizen.
Een verbod op terugkeer verplicht een EU-land volgens deze richtlijn niet om een verblijfsvergunning te geven. Wel moet de overheid gezondheid en ontvangen zorg meewegen bij de bescherming van het privéleven. Ook alle andere gegevens die van belang zijn, tellen mee.
Alleen een risico op slechtere gezondheid maakt terugkeer nog niet strijdig met de bescherming van het privéleven. Dat geldt als het risico niet ernstig genoeg is volgens het Handvest.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Rechtbank Den Haag, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, Uitspraak van 04/02/2021 (NL:RBDHA:2021:800) (ECLI:NL:RBDHA:2021:800).
Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:
- Rechtbank Den Haag, Uitspraak van 27/12/2022 (ECLI:NL:RBDHA:2022:14223) (ECLI:NL:RBDHA:2022:14223 op rechtspraak.nl)
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.