EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Zaak C-661/15 · X BV
Lagere invoerbelasting na vergoeding voor een mogelijk autogebrek?
Kan een vergoeding voor een mogelijk autogebrek de invoerwaarde verlagen? Ja, onder voorwaarden; de termijn van twaalf maanden is ongeldig.
- Vraag van
- Hoge Raad
- Vraag binnen bij het Hof
- 4 december 2015
- Arrest
- 12 oktober 2017 (na 22,3 maanden)
- Onderwerp
- Belasting over de toegevoegde waarde
- ECLI
- ECLI:EU:C:2017:753
Waar gaat de zaak over?
X BV koopt auto’s bij een Japanse fabrikant en verkoopt ze aan dealers. Het bedrijf procedeert tegen de Staatssecretaris van Financiën over terugbetaling van douanerechten: belasting bij invoer. De fabrikant vergoedde kosten voor vervanging en reparatie van onderdelen onder garantie, waarna X BV terugbetaling vroeg. De zaak draait om het douanewetboek (verordening 2913/92), met regels voor invoer, en de uitvoeringsverordening (2454/93), die onder meer regelt wanneer een lagere koopprijs de douanewaarde verlaagt.
De vraag van de rechter
De Hoge Raad wil weten wanneer een vergoeding meetelt als prijsverlaging. De douanewaarde is hier gebaseerd op de koopprijs. Een lagere waarde kan daarom leiden tot terugbetaling van douanerechten.
Bij sommige auto’s was de stuurkoppeling uit voorzorg vervangen. Er bestond door een fabricagefout een risico dat dit onderdeel defect zou raken. Is dat risico voldoende om de regeling voor prijsverlaging toe te passen? Of moet vaststaan dat het onderdeel al echt defect was?
Daarnaast vraagt de Hoge Raad naar de termijn van twaalf maanden. Volgens de uitvoeringsverordening moest de fabrikant binnen die termijn de prijs verlagen. Is die voorwaarde geldig?
Het antwoord van het Hof
Het Hof oordeelt dat de regeling ook geldt bij een risico op een defect. Dat risico moet samenhangen met de fabricage en bestaan wanneer de douane de invoeraangifte aanvaardt.
De verkoper moet vanwege dat risico een prijsverlaging geven op grond van een afgesproken garantie. Die prijsverlaging mag bestaan uit een vergoeding van aanpassingskosten. De aanpassing moet het risico op het defect wegnemen.
Verder verklaart het Hof de termijn van twaalf maanden ongeldig. Het gaat om de voorwaarde dat de prijs binnen twaalf maanden na aanvaarding van de invoeraangifte moet zijn gewijzigd.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Hoge Raad der Nederlanden, Arrest van 04/12/2015 (14/00580).
Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:
- Hoge Raad der Nederlanden, Arrest van 08/12/2017 (ECLI:NL:HR:2017:3085) (ECLI:NL:HR:2017:3085 op rechtspraak.nl)
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.