EuropaPortaal

EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken

Arrest Zaak C-625/19

Mag een officier van justitie een Europees aanhoudingsbevel geven?

Een officier van justitie mag een Europees aanhoudingsbevel geven als een rechter de voorwaarden toetst, waaronder of het bevel niet te ver gaat.

Vraag van
Rechtbank Amsterdam
Vraag binnen bij het Hof
22 augustus 2019
Arrest
12 december 2019 (na 3,7 maanden)
Procedure
spoedprocedure
Onderwerp
Justitiële samenwerking in strafzaken, Politiële samenwerking
ECLI
ECLI:EU:C:2019:1078

Waar gaat de zaak over?

Het Nederlandse Openbaar Ministerie vraagt Rechtbank Amsterdam een Europees aanhoudingsbevel tegen een man te toetsen. Het Zweedse openbaar ministerie heeft dit bevel gegeven om hem te vervolgen wegens vermoedelijke betrokkenheid bij drugsdelicten binnen een criminele organisatie. De man is op basis daarvan in Nederland aangehouden. De zaak gaat over kaderbesluit 2002/584/JBZ betreffende het Europees aanhoudingsbevel: deze EU-regel regelt de overlevering van personen tussen lidstaten.

De vraag van de rechter

Rechtbank Amsterdam wil weten of een onafhankelijke officier van justitie zo’n bevel mag geven wanneer een rechter de voorwaarden vooraf heeft getoetst. Daarbij gaat het vooral om de vraag of het bevel niet verder gaat dan nodig. Dat heet evenredigheid.

In Zweden kan iemand niet apart in beroep tegen het besluit om een Europees aanhoudingsbevel te geven. Een Zweedse rechter had wel al besloten dat de man voorlopig vast moest zitten. Daarbij had die rechter ook beoordeeld of een Europees aanhoudingsbevel niet te ver ging.

Rechtbank Amsterdam vraagt zich af of deze toets vooraf voldoende bescherming biedt. Tussen de toets en het bevel kunnen namelijk nieuwe feiten ontstaan.

Het antwoord van het Hof

Volgens het Hof is aan de eisen voor effectieve rechterlijke bescherming voldaan als een rechter in het land dat het bevel geeft de voorwaarden daarvoor toetst. Dat betekent dat de betrokkene voldoende bescherming door een rechter krijgt. Die toets moet vooral ook gaan over de vraag of het bevel niet verder gaat dan nodig.

Het Hof stelt dus als voorwaarde dat de nationale regels deze rechterlijke toets waarborgen. Het beslist hiermee niet zelf over de overlevering van de man. Rechtbank Amsterdam beslist daarna over de zaak.

De zaak in Nederland

De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Rechtbank Amsterdam, Tussenuitspraak van 22/08/2019 (13/751464-19 ; 19/3355).

Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.

Bronnen Zaak C-625/19 op CURIA · arrest op EUR-Lex · het verzoek in het Publicatieblad. Gegevens: Cellar (Publicatiebureau van de EU), peildatum 30 oktober 2026. De uitleg hierboven is een eigen samenvatting van EuropaPortaal op basis van de officiële Nederlandse tekst van het arrest, geschreven met hulp van een taalmodel en nagelezen op de bron. Alleen de officiële tekst is bindend.