EuropaPortaal

EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken

Beschikking Zaak C-446/26 · Blerens

Moet een rechter een Europees aanhoudingsbevel vooraf toetsen?

Toetsing van een Europees aanhoudingsbevel hoeft niet vóór overlevering plaats te vinden, als daarna beroep bij een rechter mogelijk is.

Vraag van
Rechtbank Amsterdam
Vraag binnen bij het Hof
6 mei 2026
Beschikking
2 juli 2026 (na 1,9 maanden)
Procedure
spoedprocedure
Onderwerp
Handvest van de grondrechten, Justitiële samenwerking in strafzaken, Politiële samenwerking
ECLI
ECLI:EU:C:2026:551

Waar gaat de zaak over?

Het Nederlandse Openbaar Ministerie vraagt Rechtbank Amsterdam een Griekse man aan Griekenland over te dragen. Zo’n overdracht aan een ander land heet overlevering. Het Griekse openbaar ministerie heeft hiervoor een Europees aanhoudingsbevel afgegeven. Daarmee vraagt het een ander EU-land iemand aan te houden en over te dragen.

Griekenland wil de man vervolgen voor strafbare feiten en hem celstraffen laten uitzitten. De verdenkingen gaan over herhaald huiselijk geweld en slagen en verwondingen. De zaak draait om het kaderbesluit over het Europees aanhoudingsbevel (2002/584/JBZ). Dat bevat de regels voor deze overdracht tussen EU-landen.

De vraag van de rechter

De man zit in Nederland vast en wacht op zijn overdracht. Rechtbank Amsterdam heeft die overdracht voor 3 van de 4 uitspraken over zijn straf al geweigerd. De vraag aan het Hof gaat over het verzoek om hem te vervolgen.

De rechtbank twijfelt of een rechter de man vóór zijn overdracht voldoende kan beschermen. Kan een rechter nagaan of het Europese bevel aan de voorwaarden voldoet? Daarbij moet de rechter ook kijken naar de verhouding tussen het bevel en het doel. Dat heet evenredigheid: gaat het bevel niet verder dan nodig is?

De rechtbank wil weten of zij de overdracht voor vervolging mag weigeren. Mag dat als die bescherming door een rechter ontbreekt?

Het antwoord van het Hof

Volgens het Hof hoeft de man niet vóór zijn overdracht in beroep te kunnen gaan. Dat moet dan wel ná zijn overdracht kunnen, in het land dat het bevel afgaf. Een rechter moet daar kunnen toetsen of het Europese bevel aan de voorwaarden voldoet. Ook moet die rechter kunnen nagaan of het bevel niet verder gaat dan nodig is.

Dit geldt hier voor een bevel van een openbaar aanklager die zo’n bevel mag afgeven. Het geldt zowel voor vervolging als voor het laten uitzitten van celstraffen.

Aan het verzoek om vervolging ligt ook een nationaal bevel tot aanhouding ten grondslag. Een rechter kan dat bevel hebben afgegeven zonder de voorwaarden voor een Europees bevel te toetsen. Ook tegen dat nationale bevel hoeft vóór de overdracht geen beroep mogelijk te zijn.

Beroep na de overdracht moet dus mogelijk zijn onder de genoemde voorwaarden. Dan is de bescherming door een rechter volgens het Hof voldoende.

De zaak in Nederland

De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Rechtbank Amsterdam, Beslissing van 06/05/2026 (13-248279-25).

Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.

Bronnen Zaak C-446/26 op CURIA · beschikking op EUR-Lex · het verzoek in het Publicatieblad. Gegevens: Cellar (Publicatiebureau van de EU), peildatum 30 oktober 2026. De uitleg hierboven is een eigen samenvatting van EuropaPortaal op basis van de officiële Nederlandse tekst van de beschikking, geschreven met hulp van een taalmodel en nagelezen op de bron. Alleen de officiële tekst is bindend.