EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Gevoegde zaken C-360/15 en C-31/16 · College van Burgemeester
Geldt de Dienstenrichtlijn voor gemeentelijke kosten bij glasvezel?
Geldt de Dienstenrichtlijn voor gemeentelijke kosten bij glasvezelaanleg? Het Hof oordeelt dat deze kosten buiten de richtlijn vallen.
- Vraag van
- Hoge Raad
- Vraag binnen bij het Hof
- 13 juli 2015
- Arrest
- 30 januari 2018 (na 30,6 maanden)
- Onderwerp
- Vrijheid van vestiging, Vrij verrichten van diensten, Interne markt - Beginselen
- ECLI
- ECLI:EU:C:2018:44
Waar gaat de zaak over?
De gemeente Amersfoort en X BV hebben een geschil over kosten voor de aanleg van een glasvezelnetwerk. Het bedrijf moest 149.949 euro betalen voor het behandelen van verzoeken om toestemming voor graafwerkzaamheden. Het betwistte dat bedrag en procedeerde daarover tegen het gemeentebestuur. Daarbij speelt de Dienstenrichtlijn (2006/123/EG), die regels geeft voor diensten op de interne markt van de EU.
De vraag van de rechter
De zaak komt bij de Hoge Raad. Die vraagt het Hof hoe de Dienstenrichtlijn moet worden uitgelegd. De Hoge Raad wil onder meer weten:
- Vallen deze gemeentelijke kosten onder de uitzondering voor belastingen?
- Gelden de regels over het vestigen van dienstverleners ook als alles binnen Nederland plaatsvindt?
- Valt de gemeentelijke regeling voor graafwerkzaamheden buiten de richtlijn, omdat zij over ruimtelijke ordening gaat?
- Geldt de gemeentelijke toestemming als een vergunning volgens de richtlijn?
- Kan het bedrijf zich rechtstreeks beroepen op de regel over procedurekosten? En hoe mogen die kosten dan worden berekend?
Het antwoord van het Hof
Het Hof oordeelt dat de Dienstenrichtlijn niet geldt voor de betrokken kosten. Het gaat om kosten die samenhangen met het recht om kabels voor een openbaar communicatienetwerk aan te leggen. Daarbij gaat het om ondernemingen die zulke netwerken en diensten mogen leveren.
De kosten voor deze kabelaanleg vallen dus buiten het bereik van de Dienstenrichtlijn.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Hoge Raad der Nederlanden, Arrest van 05/06/2015 (13/03931).
Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:
- Raad van State, Uitspraak van 24/07/2019 (ECLI:NL:RVS:2019:2569) (ECLI:NL:RVS:2019:2569 op rechtspraak.nl)
- Raad van State, Afdeling bestuursrechtspraak, uitspraak van 20/06/2018 (N° 201309296/5/R3)
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.