EuropaPortaal

EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken

Arrest Zaak C-331/16 · Staatssecretaris van Veiligheid

Mag Nederland een EU-burger weren vanwege vroegere misdrijven?

Mag Nederland een EU-burger weren na uitsluiting van vluchtelingenbescherming? Volgens het Hof mag dat niet automatisch: persoonlijk onderzoek is nodig.

Vraag van
Rechtbank Den Haag
Vraag binnen bij het Hof
13 juni 2016
Arrest
2 mei 2018 (na 22,6 maanden)
Onderwerp
Burgerschap van de Unie, Grenscontroles
ECLI
ECLI:EU:C:2018:296

Waar gaat de zaak over?

Een man die burger is van Kroatië, procedeert tegen de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie. Die besloot dat de man niet in Nederland mag zijn. De man zou betrokken zijn geweest bij oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid. Dat zijn ernstige misdrijven tijdens een oorlog of tegen burgers.

Zijn eerdere verzoeken om bescherming als vluchteling waren daarom afgewezen. Maar volgens de man zijn de redenen om hem te weren onvoldoende.

De zaak gaat over richtlijn 2004/38/EG, een Europese wet die elk land zelf in eigen wetten moet omzetten. Deze wet regelt vrij reizen en verblijf voor EU-burgers en hun gezins- en familieleden.

De vraag van de rechter

Rechtbank Den Haag vraagt wanneer de overheid iemands verblijf mag beperken vanwege vroeger gedrag. Is het genoeg dat iemand eerder geen bescherming als vluchteling kreeg? Of moet de overheid onderzoeken of de man nu echt een ernstig gevaar vormt?

Ook vraagt de rechtbank welke bescherming de richtlijn biedt tegen uitzetting. Het gaat hier om uitzetting uit Nederland.

Het antwoord van het Hof

Iemand die eerder geen bescherming als vluchteling kreeg, vormt niet automatisch een ernstig gevaar. De overheid moet zijn eigen gedrag onderzoeken.

Daarbij moet de overheid kijken naar het soort misdrijven waarvan hij wordt beschuldigd. Ook telt mee hoe ernstig die waren en wat zijn eigen rol was. Verder is van belang of een rechter hem voor een misdrijf heeft veroordeeld.

Ook moet de overheid kijken hoeveel tijd sindsdien is verstreken. Zijn gedrag na die tijd telt ook mee. De situatie van toen zal zich in Nederland niet herhalen. Toch kan hij ook nu een gevaar vormen.

De overheid moet het belang van de samenleving afwegen tegen zijn belangen. Daarbij gaat het om vrij reizen, verblijf en zijn privéleven en gezinsleven.

Leidt de maatregel tot uitzetting uit Nederland? Dan telt ook mee hoelang hij hier woont en welke banden hij met Nederland heeft. Het gaat bijvoorbeeld om banden met zijn gezin, familie en andere mensen. Ook zijn banden met de cultuur tellen mee.

Artikel 28, lid 3, onder a, biedt extra bescherming tegen uitzetting. Die geldt alleen voor iemand met een blijvend recht om in het gastland te wonen. Dat is het EU-land waar iemand als burger van een ander EU-land verblijft.

De zaak in Nederland

De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, Uitspraak van 09/06/2016 (AWB 15/22024 ; 070.205.6115).

Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.

Bronnen Zaak C-331/16 op CURIA · arrest op EUR-Lex · het verzoek in het Publicatieblad. Gegevens: Cellar (Publicatiebureau van de EU), peildatum 30 oktober 2026. De uitleg hierboven is een eigen samenvatting van EuropaPortaal op basis van de officiële Nederlandse tekst van het arrest, geschreven met hulp van een taalmodel en nagelezen op de bron. Alleen de officiële tekst is bindend.