EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Zaak C-317/15 · Staatssecretaris van Financiën
Langer belasting navorderen bij een rekening buiten de EU?
Geldt de EU-uitzondering voor langer belasting navorderen bij een effectenrekening buiten de EU? Volgens het Hof kan dat.
- Vraag van
- Hoge Raad
- Vraag binnen bij het Hof
- 26 juni 2015
- Arrest
- 15 februari 2017 (na 19,7 maanden)
- Onderwerp
- Vrij verkeer van kapitaal
- ECLI
- ECLI:EU:C:2017:119
Waar gaat de zaak over?
Een man en de Staatssecretaris van Financiën procederen over belasting die de Belastingdienst achteraf alsnog wil innen: navordering. De man had rekeningen in Zwitserland en Luxemburg niet opgegeven in zijn belastingaangiften. Het geschil gaat onder meer over de langere termijn voor navordering bij de Zwitserse rekening. Daarbij speelt artikel 64, lid 1, VWEU: deze EU-regel laat bepaalde beperkingen toe op geldverkeer met landen buiten de EU.
De vraag van de rechter
De Hoge Raad vraagt het Hof hoe deze uitzondering moet worden uitgelegd. Het gaat om drie vragen:
- Kan de uitzondering gelden voor een langere navorderingstermijn, als die regeling ook geldt voor situaties buiten deze uitzondering?
- Geldt de uitzondering ook als de beperking niet gericht is op de bank en geen regels stelt aan haar dienstverlening?
- Valt het openen van een effectenrekening bij een bank buiten de EU onder geldverkeer dat samenhangt met financiële diensten?
Een effectenrekening is een rekening voor bijvoorbeeld aandelen. De Hoge Raad vraagt ook of het uitmaakt welke werkzaamheden de bank voor de rekeninghouder uitvoert.
Het antwoord van het Hof
Het Hof oordeelt dat de uitzondering kan gelden voor de langere navorderingstermijn. Dat de Nederlandse regeling ook andere situaties omvat, staat daaraan niet in de weg. Wel moet de beperking gaan over geldverkeer dat onder de EU-uitzondering valt.
Het openen van een effectenrekening bij een bank buiten de EU valt daaronder. Het moet dan gaan om een rekeninghouder die in een EU-land woont. Volgens het Hof houdt dit geldverkeer verband met financiële diensten.
Verder hoeft de beperking niet gericht te zijn op de bank. Ook hoeft zij geen voorwaarden te stellen aan de manier waarop de bank diensten verleent. De uitzondering geldt dus ook voor beperkingen zoals de langere navorderingstermijn in deze zaak.