EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Gevoegde zaken C-309/22 en C-310/22 · Pesticide Action Network Europe (PAN Europe)
Welke kennis telt bij het toelaten van middelen tegen plagen?
Bij het toelaten van middelen tegen plagen moet de overheid actuele, betrouwbare kennis gebruiken over mogelijke verstoring van hormonen bij mensen.
- Vraag van
- College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Vraag binnen bij het Hof
- 11 mei 2022
- Arrest
- 25 april 2024 (na 23,5 maanden)
- Onderwerp
- Landbouw, Onderlinge aanpassing van de wetgevingen, Volksgezondheid
- ECLI
- ECLI:EU:C:2024:356
Waar gaat de zaak over?
Pesticide Action Network Europe (PAN Europe) voert een rechtszaak tegen het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (CTGB). De zaak gaat over de Nederlandse toestemming voor het gebruik van Pitcher en Dagonis. Dit zijn middelen om gewassen te beschermen tegen ziekten en plagen.
Volgens PAN Europe had het CTGB de werkzame stof fludioxonil in Pitcher moeten onderzoeken. De vraag is of deze stof de werking van hormonen kan verstoren.
Centraal staat verordening (EG) nr. 1107/2009: een Europese wet die meteen in alle EU-landen geldt. Deze wet regelt wanneer bedrijven middelen om gewassen te beschermen op de markt mogen brengen.
De vraag van de rechter
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven vraagt welke kennis uit onderzoek het CTGB moet gebruiken. Moet het ook onderzoeken of een middel de werking van hormonen kan verstoren? En telt dan de kennis bij de aanvraag, of bij het onderzoek?
Er zijn ook nieuwe regels om te beoordelen of stoffen hormonen verstoren. Deze regels zijn gebaseerd op onderzoek en gelden vanaf 10 november 2018. Gelden ze ook voor eerdere aanvragen die toen nog in behandeling waren?
Volgens het CTGB hoeft het niet opnieuw te beoordelen of een stof hormonen verstoort. Het CTGB stelt dat de nieuwe regels horen bij de Europese goedkeuring van de werkzame stof.
Het antwoord van het Hof
Volgens het Hof moet de organisatie die een middel in een land toelaat, mogelijke nadelige gevolgen voor mensen meewegen. Het gaat om gevolgen doordat een werkzame stof in het middel hormonen kan verstoren.
Die organisatie moet daarvoor betrouwbare kennis uit onderzoek en techniek gebruiken die van belang is. Het gaat om de kennis die beschikbaar is tijdens het onderzoek van de aanvraag. Ook de genoemde nieuwe regels om verstoring van hormonen te beoordelen, tellen mee. De kennis op het moment van de aanvraag is dus niet bepalend.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: College van Beroep voor het bedrijfsleven, uitspraak van 03/05/2022 (20/837).
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.