EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Beschikking Zaak C-269/18 · Staatssecretaris van Veiligheid
Mag een asielzoeker vastzitten terwijl hij op toestemming wacht?
Mag een afgewezen asielzoeker vastzitten voor uitzetting? Niet zolang hij legaal mag blijven in afwachting van een rechterlijk besluit.
- Vraag van
- Raad van State
- Vraag binnen bij het Hof
- 19 april 2018
- Beschikking
- 5 juli 2018 (na 2,5 maanden)
- Procedure
- spoedprocedure
- Onderwerp
- Asielbeleid, Grenscontroles, Justitie en binnenlandse zaken
- ECLI
- ECLI:EU:C:2018:544
Waar gaat de zaak over?
Drie asielzoekers procederen tegen de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over hun opsluiting. De staatssecretaris wees hun asielaanvragen af als kennelijk ongegrond en liet hen vastzetten om hun terugkeer voor te bereiden. Richtlijn 2008/115/EG regelt de terugkeer van mensen van buiten de EU die illegaal verblijven. Ook speelt richtlijn 2013/32/EU een rol: die regelt de procedures voor het verlenen en intrekken van internationale bescherming, zoals asiel.
De vraag van de rechter
De Raad van State wil weten of de opsluiting volgens het EU-recht mag. De asielzoekers kunnen de rechter vragen of zij hun beroep in Nederland mogen afwachten. Tot de rechter daarover beslist, mogen zij in Nederland blijven.
De Raad van State vraagt het Hof:
- Is hun verblijf dan niet langer illegaal zodra zij zo’n verzoek indienen?
- Maakt het verschil dat Nederland hen niet uitzet voordat de rechter over dat verzoek beslist?
De Raad van State vraagt hiermee om uitleg van de EU-regels. Daarna beslist de Raad van State zelf over de zaken.
Het antwoord van het Hof
Het Hof zegt dat de twee richtlijnen deze opsluiting voor uitzetting verbieden wanneer de asielzoeker volgens de EU-regels legaal mag blijven.
Dat geldt ook na een afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond. Het gaat hier om de periode waarin de rechter nog moet beslissen over toestemming om te blijven. Die toestemming betreft het wachten op de uitkomst van het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag.
Het antwoord gaat dus over opsluiting met het oog op uitzetting. Het beslist niet of de asielzoekers recht hebben op asiel.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Raad van State, Beslissing van 19/04/2018 (201703937/11V3 ; 201709124/11V3 ; 201710445/1/V3.).
Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:
- Raad van State, Uitspraak van 27/08/2018 (ECLI:NL:RVS:2018:2830) (ECLI:NL:RVS:2018:2830 op rechtspraak.nl)
- Raad van State, Bericht van 01/08/2018 (201703937/4/V3)
- Raad van State, Bericht van 27/08/2018 (ECLI:NL:RVS:2018:2828) (ECLI:NL:RVS:2018:2828 op rechtspraak.nl)
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.