EuropaPortaal › Prejudiciële vragen › Zaken
Arrest Zaak C-128/14 · Staatssecretaris van Financiën
Welke kosten voor erfpacht tellen mee voor de btw?
Volgens het Hof telt bij erfpacht de waarde van de jaarlijkse betalingen over de resterende looptijd mee voor de btw.
- Vraag van
- Hoge Raad
- Vraag binnen bij het Hof
- 18 maart 2014
- Arrest
- 28 april 2016 (na 25,4 maanden)
- Onderwerp
- Belasting over de toegevoegde waarde
- ECLI
- ECLI:EU:C:2016:306
Waar gaat de zaak over?
De Staatssecretaris van Financiën en Het Oudeland Beheer BV zijn het oneens over de btw. Oudeland kreeg het recht om grond met een kantoorgebouw in aanbouw te gebruiken. Het bedrijf betaalde daarvoor elk jaar een bedrag. Dat heet erfpacht.
Oudeland liet het gebouw afbouwen en verhuurde het daarna deels zonder btw. De zaak gaat over de Zesde richtlijn (77/388/EEG). Een richtlijn is een Europese wet die elk land zelf in eigen wetten moet omzetten. Deze richtlijn bevat regels voor de btw die voor alle EU-landen gelden.
De vraag van de rechter
Oudeland berekende de btw over de kosten van de afbouw en het jaarlijkse bedrag voor erfpacht dat het al moest betalen. De Belastingdienst wilde ook de waarde van alle andere betalingen voor erfpacht laten meetellen.
De Hoge Raad vraagt het Hof over welk bedrag Oudeland btw moet berekenen. Mogen de waarde van het recht op erfpacht en de afbouwkosten meetellen? Ook als Oudeland daarover al btw heeft betaald?
Maakt het verschil dat Oudeland die btw meteen volledig heeft afgetrokken? Aftrekken betekent hier dat het bedrijf de betaalde btw verrekent in zijn btw-aangifte.
Ook wil de Hoge Raad weten welke betalingen voor erfpacht moeten meetellen. Gaat het alleen om bedragen die Oudeland al moest betalen? Of tellen toekomstige betalingen ook mee?
Het antwoord van het Hof
Volgens het Hof mogen de waarde van het recht op erfpacht en de afbouwkosten meetellen. Dat mag als het bedrijf de btw daarover al heeft betaald. Het bedrijf moet die btw dan ook meteen volledig hebben afgetrokken.
Voor het recht op erfpacht telt de waarde van de jaarlijkse betalingen over de resterende looptijd van de overeenkomst. Het gaat dus niet alleen om het jaarlijkse bedrag dat Oudeland al moest betalen.
De toekomstige betalingen moeten worden omgerekend naar één waarde. Dat moet op dezelfde manier als toen Oudeland het recht op erfpacht kreeg. Toen werd de waarde van dat recht ook bepaald.
De zaak in Nederland
De vraag werd gesteld in deze uitspraak: Hoge Raad der Nederlanden, 3e kamer, arrest van 21/02/2014 (ECLI:NL:HR:2014:341 ; 09/02220) (ECLI:NL:HR:2014:341).
Na het antwoord van het Hof deed de Nederlandse rechter uitspraak:
- Hoge Raad der Nederlanden, Arrest van 11/11/2016 (ECLI:NL:HR:2016:2556) (ECLI:NL:HR:2016:2556 op rechtspraak.nl)
Volgens de gegevens van het Hof in Cellar. Uitspraken zonder ECLI-nummer staan (nog) niet als link bij het Hof; zoek ze op uitspraken.rechtspraak.nl.